Gedicht bij de Nationale Tuinvogeltelling

Dit weekend vindt de Nationale Tuinvogeltelling plaats. Ik ben benieuwd hoe de merels het dit jaar doen. Afgelopen jaar is het aantal merels immers flink teruggelopen door het usutuvirus. Dit door steekmuggen overgedragen virus stamt uit Afrika en is vermoedelijk door trekvogels overgebracht naar Europa. Ik hoop dat de merel er in Nederland weer bovenop komt, want ik hou van merels. Hier een (voorjaars)gedicht over een merel in onze tuin.

Merel

Mijn innerlijk leven
is me meestal meer dan genoeg.

Met een witte wijn zit ik
in de zon op het terras,
vlak naast me pikt een jonge merel
door mij gestrooide pinda’s.

Amper een paar weken oud
kent hij mij al
van gisteren en eergisteren,
ik word met de dag ongevaarlijker.

Dat die kleine
haast te grijpen durfal
dichter bij de dinosaurussen
dan bij mij staat.

Ik klief en deel een pinda –
het machtige geluk
dat twee bijproducten van de schepping
elkaar hier hedenmiddag treffen.

Waarom zoeken,
er liggen raadsels voor het oprapen.

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Gedichten (in berichten). Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s