Categorie archief: Culemborgse stadsgedichten

Culemborgs stadsgedicht 66

Rivierenlandkroniek 1 (Voortijd: het Korte Avontuur) Aan de rand van het dorp ligt een land met de naam Korte Avontuur. Wat valt hier te beleven? Je kan op blote kakhielen door nattig gras, je bestudeert bijvoorbeeld een koeienplak of je … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 65

Int jaer ons Heren dusent driehondert Ende achtiene up Sente Nycolaus dach Na een heldere sterrennacht is er een loodgrijze ochtend aangebroken, bij Weithusen blaast de straffe oostenwind de horigen bijkans van het kale land. Twee tandeloze toeschouwers slaan de schuimkoppen … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 64

Aan lezer dezes Al ben ik voor jou waarschijnlijk niet meer dan een glanzende passant, voor mij ben jij de onzichtbaar aanwezige, zonder jou zou ik me niet kunnen laten zien. Voor jou zijn er duizend anderen, ik mis je … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 63

Binnenplaats Zo’n klein ornament aan de achterkant van een gebouw, je blik moet er toevallig op vallen, wat is het, siersmeedwerk ter verfraaiing van een uitbouw? Gemaakt door iemand: háár opa, zíjn vader, de lievelingsoom van een eerste vriendje. Gesmeed … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 62

Heel vroeg Het is nog heel vroeg, een zomermorgen aan de Lek de witte abeel staat in een oranje gloed en het is stil of misschien hoor je heel in de verte de klep van de eerste pont over de … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 61

Iets te zeggen Ik weet niet wat de uiterwaard me wil vertellen, ik heb geen idee wat de murmelende rivier me toe te vertrouwen heeft. Twee eenden penselen een plas in tekens die ik niet herken, aan de heldere hemel … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | 2 reacties

Culemborgs stadsgedicht 60

Alle keren Alle keren dat ik je heb opgezocht, m’n zeeën aan twijfels met je deelde, je m’n duisterheden heb opgebiecht. Alle tijdloze seconden dat ik naast je in de grote verte stond te turen, naar iets kleins, een vermeende … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 59

Raad Dit is wat je moet onthouden voor als je het niet meer weet: aan de Lek heb je een strandje dat door het spoelende water telkens weer onbetreden oogt afhankelijk van het jaargetij valt er altijd niets te beleven … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 58

Zo We lopen over de dijk, na een lange stilte zegt ze dat ze zoveel te zeggen heeft, ze bedoelt dat ze ook dichter wil worden maar maar niet tot schrijven komt, want hoe laat alles zich in een vers … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 57

Een duwtje De veerstoep is weer eens goed geschrobd, een vlot geraakte ton is zacht gestrand, de stroming neemt af, oevers groeien weer naar elkaar toe, het waterpeil is nu zichtbaar aan het dalen. De wulpen landen weer in de … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 56

Regulieren Twee populieren hebben gezamenlijk uit onverstoorbare onbaatzuchtigheid tijdens een van de laatste voorjaarsstormen een oude eik opgevangen en deze aldus voor noodlottig omwaaien behoed. De gebeurtenis heeft z’n sporen nagelaten, de eik leeft nog, zij het ternauwernood, als je … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 55

Zonsondergang aan de rivier Nadat de koperen ploert met stil spektakel achter de Utrechtse heuvelrug gezonken was, renden we zo hard we konden de dijk weer op om hem daar nog een keer onder te zien gaan, mooi! (alleen zag … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 54

Mouches volantes We lopen weer eens ergens tussen de gekoesterde Lek en Linge en het gesprek is gestokt. Ik zeg: het is begonnen, er dansen bruine vlekken in m’n linkeroog en het is al een week. De twijfels die ik … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 53

Alleen hier Alleen hier word ik altijd weer jonger: een windstille middag in de weeshuistuin het rondje park en dreven op een zomeravond de oranje morgen in de armenboomgaard langs de kale bomen aan de smalle Achterweg alleen maar hier: … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen

Culemborgs stadsgedicht 52

Goilberdingerwaard Pas na de grasmusseninvasie verloor ik dit jaar m’n somberheid. Ik zat op m’n vaste limietpaal en dronk met grote teugen van al het gefladder en gezang. Hoe was het in Senegal, jongens? Om zo weer deelgenoot te worden … Lees verder

Geplaatst in Culemborgse stadsgedichten | Een reactie plaatsen